FocusVasculair
Praktijkgerichte nascholing over interdisciplinaire vasculaire geneeskunde
Een combinatie van vaktijdschrift, toegang tot online kenniscentrum en e-learning, geaccrediteerd door de NIV en VSR.
Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van FocusVasculair?
Abonneer nu! Meer informatie
Alle collecties van FocusVasculair
Gesorteerd op nieuw - oud
Chronische nierziekte komt steeds vaker voor, onder andere door toename van het aantal mensen met obesitas. Geschat wordt dat er wereldwijd 890 miljoen mensen obesitas hebben en dat dit aantal zal stijgen naar 1,02 miljard volwassenen in 2030. Obesitas is ook een van de belangrijkste oorzaken van type 2-diabetes (T2D). Zowel obesitas als T2D zijn risicofactoren voor chronische nierziekte en cardiovasculaire ziekten. Ondanks de huidige behandelingen voor deze patiënten blijft het risico op progressie van nierschade groot, daarom zijn aanvullende strategieën noodzakelijk.
Hemostase is een complex systeem van interacterende eiwitten en bloedcellen, wat leidt tot de vorming van een stolsel om bloedverlies te voorkomen. Het systeem is bij gezonde personen in balans en voorkomt dat er aan de ene kant onnodig trombose wordt gevormd en aan de andere kant bloedingen optreden. Dit gebeurt door de activatie van inactieve pro- en anticoagulante factoren. Klassiek wordt er onderscheid gemaakt tussen de primaire en secundaire hemostase en de fibrinolyse. Hierbij lijkt het alsof het losstaande processen zijn, maar in werkelijkheid verlopen ze parallel aan elkaar. Een verhoogde bloedingsneiging kan veroorzaakt worden door verschillende aangeboren en verworven stoornissen van de hemostase, maar kan ook iatrogeen veroorzaakt worden door medicatie die gegeven wordt om ongewenste trombosevorming te voorkomen. In dit nascholingsartikel wordt ingegaan op de werking van de hemostase, de verschillende bloedingsziekten en er wordt een kort overzicht gegeven van de antitrombotische middelen en hun aangrijpingspunt.
De directe orale anticoagulantia (DOAC’s) zijn eerste keus voor de behandeling van de meeste patiënten met een veneuze trombo-embolie (VTE). De behandelduur is altijd ten minste drie maanden, waarna wordt gekeken naar het recidief en bloedingsrisico of een langere behandeling wordt aanbevolen. Bij patiënten met een idiopathische VTE wordt aanbevolen langdurig antistolling (vaak levenslang) te overwegen en dit met de patiënt te bespreken. In het algemeen ligt het jaarlijks risico op een recidief VTE namelijk duidelijk hoger dan het bloedingsrisico van DOAC’s. Ook bij patiënten met een blijvende risicofactor of recidiverende VTE kan overwogen worden langdurig antistolling te geven.
Het syndroom van Meigs is een zeldzame, goedaardige gynaecologische aandoening gekarakteriseerd door een trias van een ovariumfibroom, ascites en pleurale effusie, die verdwijnen na resectie van de adnexafwijking. Bij het pseudomeigssyndroom uiten de ovariumafwijkingen zich anders dan een fibroom. De casus die wij presenteren illustreert een bijzondere manifestatie van het pseudomeigssyndroom. Hoewel het syndroom bekendstaat om het benigne karakter, kan het zich presenteren met systemische manifestaties. Het gaat klassiek gepaard met respiratoire of abdominale klachten, een initiële uiting met een trombo-embolisch event is echter zeldzaam.
Dit artikel behandelt de complexe processen van hemostase en de diagnostiek van diverse stollingsstoornissen, met een focus op milde bloedingsproblemen. Het benadrukt het gebruik van de bleeding assessment tool (BAT) voor het systematisch beoordelen van bloedingssymptomen en de noodzaak van gerichte laboratoriumtesten om de juiste diagnose te stellen. Ook de variabiliteit en uitdagingen bij het identificeren van milde bloedingsstoornissen worden besproken, evenals de invloed daarvan op de levenskwaliteit van patiënten. Tot slot worden behandelingsopties, zoals DDAVP en tranexaminezuur, belicht en wordt de noodzaak onderstreept voor zorgvuldige monitoring, vooral bij vrouwelijke patiënten met bloedingsklachten.
Vasculaire anomalieën beslaan een heterogene groep afwijkingen, variërend van onschuldige cutane laesies tot levensbedreigende malformaties. Incorrect gebruik van terminologie heeft van oudsher tot veel verwarring in de klinische praktijk en onjuiste diagnoses geleid. Tegenwoordig wordt het ISSVA-classificatiesysteem gebruikt als gouden standaard voor vasculaire anomalieën. Hierin worden twee hoofdcategorieën onderscheiden: vasculaire tumoren (zoals hemangiomen) en vasculaire malformaties. In dit artikel wordt ingegaan op de ISSVA-classificatie en de belangrijkste verschillen tussen de categorieën. Ook wordt uitgebreid ingegaan op de radiologische beeldvorming, waarbij met name echografie en MRI een grote rol spelen. Tot slot wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste therapieën van vasculaire malformaties, met de focus op interventieradiologische behandelingen.