FocusVasculair

Praktijkgerichte nascholing over interdisciplinaire vasculaire geneeskunde

Een combinatie van vaktijdschrift, toegang tot online kenniscentrum en e-learning, geaccrediteerd door de NIV en VSR.

Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van FocusVasculair?

Abonneer nu! Meer informatie

Alle collecties van FocusVasculair

Gesorteerd op nieuw - oud
Nieuwe antihypertensiva in aantocht Lees meer over Nieuwe antihypertensiva in aantocht Nieuwe antihypertensiva in aantocht
Eén op de drie volwassenen heeft hypertensie, maar het grootste deel van de patiënten haalt de internationale behandeldoelen niet. Nederland is hierop geen uitzondering. Het niet-behalen van de behandeldoelen is multifactorieel bepaald, en omvat onder andere oorzaken zoals onvoldoende therapietrouw en staken van therapie door onacceptabele bijwerkingen van het huidige arsenaal aan antihypertensiva. Nadat er bijna 20 jaar geen nieuwe bloeddrukverlagende middelen zijn geregistreerd, zijn er op dit moment vier nieuwe klassen antihypertensiva in ontwikkeling en zullen naar verwachting meerdere nieuwe middelen in de komende jaren worden toegelaten tot de Nederlandse markt. Dit artikel bespreekt de werking, bijwerkingen en verwachte plaatsbepaling van deze nieuwe middelen aan de hand van recente onderzoeksdata.
Bètablokkers anno 2026 Lees meer over Bètablokkers anno 2026 Bètablokkers anno 2026
Sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw hebben bètablokkers een belangrijke rol in de behandeling van een acuut myocardinfarct en de secundaire preventie nadien. Omdat zowel de behandeling van het acute hartinfarct als van het chronisch coronair syndroom sterk is veranderd in de afgelopen jaren is de rol van de bètablokker ook ter discussie komen te staan.1 In het tijdperk dat de bètablokkers werden geïntroduceerd voor het acute hartinfarct was de mogelijkheid tot snelle coronaire reperfusie nog beperkt, met als gevolg grote gebieden met myocardiale ischemie. In het acute moment van het myocardinfarct is het doel van de behandeling met bètablokkers dan ook beperking van de myocardiale zuurstofconsumptie. Door remming van de catecholaminerge stimulatie van het hart daalt de hartfrequentie, wordt de diastole langer (en daarmee de coronaire vullingstijd) en nemen de contractiliteit en afterload af. Al deze zaken verlagen de myocardiale werklast. Daarmee wordt de kans op ventriculaire aritmieën (en dus plotse hartdood) en hartfalen als complicatie van een hartinfarct kleiner.2 Bij de behandeling met bètablokkers bij chronisch hartfalen is het doel anders. Het veronderstelde mechanisme is dat door blokkade van de neurohormonale overdrive progressie van het hartfalen wordt tegengegaan en het aantal β-receptoren toeneemt en daarmee ook de inotrope reserve.3
Een aortadissectie na grotevatenvasculitis Lees meer over Een aortadissectie na grotevatenvasculitis Een aortadissectie na grotevatenvasculitis
In dit artikel beschrijven we een casus van een vrouw met een grotevatenvasculitis die als gevolg daarvan een aortadissectie ontwikkelde. Naar aanleiding hiervan hebben we een literatuurreview uitgevoerd waarin de laatste stand van zaken wordt beschreven. Het doel was de volgende twee onderzoeksvragen te beantwoorden: 1) Wat is de incidentie van een aortadissectie in het kader van een grotevatenvasculitis? en 2) In hoeverre heeft beeldvorming een toegevoegde waarde als follow-up na de diagnose van een grotevatenvasculitis?
Antitrombotica bij perifeer arterieel vaatlijden Lees meer over Antitrombotica bij perifeer arterieel vaatlijden Antitrombotica bij perifeer arterieel vaatlijden
Het levenslang gebruiken van antitrombotica is een essentieel onderdeel in de behandeling van patiënten met perifeer arterieel vaatlijden. Hoewel het beleid eenvoudig lijkt, waarbij iedere patiënt in principe behandeld wordt met clopidogrel, zijn er nuances. De vernieuwde Nederlandse richtlijn wijkt op verschillende punten af van de Europese richtlijn, waarin het gebruik van acetylsalicylzuur in combinatie met een lage dosering rivaroxaban een belangrijkere plek heeft gekregen. Daarnaast is het antitrombotisch beleid na (complexe) bypasschirurgie anders dan bij endovasculaire behandelingen. In dit nascholingsartikel worden deze aspecten met de onderliggende wetenschappelijke literatuur besproken.
Bloedingsrisico als bijwerking van icosapent-ethyl Lees meer over Bloedingsrisico als bijwerking van icosapent-ethyl Bloedingsrisico als bijwerking van icosapent-ethyl
Naar de farmacologische werking van omega-3-vetzuren is decennialang uitgebreid onderzoek gedaan, met wisselende resultaten met betrekking tot cardiovasculaire voordelen. Icosapent-ethyl is een gezuiverde vorm van het omega-3-vetzuur eicosapentaeenzuur (EPA). In 2019 toonde een grote klinische studie het cardiovasculair beschermend effect van icosapent-ethyl aan bij patiënten met verhoogde triglyceriden. Er kwamen volgens de studie echter ook vaker bloedingen voor bij icosapent-ethyl dan bij placebo, vooral bij gelijktijdig gebruik van antitrombotica. Onderzoek naar het bloedingsrisico van icosapent-ethyl is beperkt en vertoont tegenstrijdige resultaten. Hoewel sommige studies geen gevallen van bloedingen rapporteren, wijzen andere studies op een mogelijk verhoogd risico, vooral bij patiënten die antitrombotica gebruiken. Extra monitoring en melding van bijwerkingen blijft cruciaal. Ook is meer onderzoek nodig om het werkingsmechanisme van icosapent-ethyl volledig te begrijpen. Voor voorschrijvers en apothekers is van belang voorzichtig te zijn met icosapent-ethyl, met name wanneer patiënten tegelijkertijd antitrombotica gebruiken.
Waar het hart is Lees meer over Waar het hart is Waar het hart is
Een groot deel van de hart- en vaatziekten (HVZ) is toe te schrijven aan leefstijlfactoren, zoals ongezonde voeding en te weinig beweging.1 Gezond leven is in de praktijk echter lang niet altijd een individuele keuze, we leven namelijk niet in een vacuüm. De bebouwde omgeving – de door mensen gemaakte of aangepaste ruimten, voorzieningen, en infrastructuur – beïnvloedt hoe makkelijk of moeilijk het is gezonde keuzes te maken. Een wijk zonder goede infrastructuur nodigt minder uit tot wandelen. Een buurt met een overvloed aan fastfoodrestaurants maakt gezonde voeding minder voor de hand liggend. Internationaal groeit het bewijs dat zulke omgevingsfactoren bijdragen aan cardiometabole ziekten.2,3 Toch wordt in veel studies slechts één aspect tegelijk onderzocht. Ook ontbreken vaak grootschalige, longitudinale studies. We hebben geprobeerd deze gaps te vullen door gebruik te maken van gedetailleerde geografische data over voorzieningen en infrastructuur in Nederland, die we koppelden aan bestaande cohortstudies of registergegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Op die manier konden we de relatie tussen omgevingsfactoren en gezondheidsuitkomsten analyseren.