Praktische Pediatrie
Praktijkgerichte nascholing voor kinderartsen
Een hoogwaardig Nederlandstalig nascholingstijdschrift in combinatie met een toegankelijk digitaal kennisplatform geaccrediteerd door de NVK. VSR is in aanvraag.
Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van Praktische Pediatrie?
Abonneer nu! Meer informatie
Alle collecties van Praktische Pediatrie
Gesorteerd op nieuw - oud
De obsessieve-compulsieve stoornis (OCS) komt bij kinderen relatief veel voor en is vaak als comorbiditeit bij andere psychische aandoeningen aanwezig zoals ADHD, ticstoornissen, eetstoornissen en autisme. Een vroege herkenning is van belang om tijdig te kunnen doorverwijzen voor gerichte behandeling waardoor verergering van de psychopathologie in de latere ontwikkeling kan worden voorkomen. In dit artikel beschrijven we de kenmerken van OCS bij kinderen, differentiaaldiagnostische overwegingen en comorbiditeit, en mogelijke etiologische factoren.
Is echogeleid infuusprikken succesvoller dan conventionele prikken? | Conservatie behandeling van een ongecompliceerde appendicitis | Risico op transmissie van rotavirus-vaccinstam RV5 op de NICU
Hemofagocytaire lymfohistiocytose (HLH) is een zeldzame, levensbedreigende ziekte met ongecontroleerde afweeractivatie en een cytokinestorm. Bij primaire HLH is er een onderliggend genetisch defect. Bij secundaire HLH is de ernstige afweerontregeling een gevolg van een onderliggende infectie, kanker, of een auto-immuun-/auto-inflammatoire ziekte. Ontregeling door een auto-immuun-/auto-inflammatoire ziekte wordt ook wel macrofaagactivatiesyndroom genoemd. Tijdige herkenning van HLH is belangrijk om snel de juiste therapie te kunnen geven. Symptomen zijn onder andere koorts, hepatosplenomegalie, neurologische verschijnselen en huiduitslag. Laboratoriumkenmerken zijn cytopenieën, hyperferritinemie, verhoogd soluble CD25, leverenzymafwijkingen, stollingsstoornis en hypertriglyceridemie. Soms is hemofagocytose zichtbaar in beenmerg of ander weefsel. Met gerichte functionele immunologische en genetische diagnostiek kan de diagnose primaire HLH worden gesteld. De behandeling van HLH is gericht op het onderdrukken van de cytokinestorm, onder andere met hoge doses corticosteroïden. Daarnaast zal een eventuele uitlokkende ziekte behandeld moeten worden. Genezing van primaire HLH is alleen mogelijk met een allogene hematopoëtische stamceltransplantatie.
Luchtweginfecties komen veel voor bij kinderen, zeker op jonge leeftijd. Door de blootstelling aan verschillende verwekkers treden er ook steeds opnieuw infecties op, de zogeheten ‘recidiverende luchtweginfecties’. Meestal betreft dit normaalvariatie, maar er kan sprake zijn van onderliggende aandoeningen van het KNO-gebied of de lage luchtwegen. In zeldzame gevallen is er een onderliggende afweerstoornis. Het is van belang om dit te herkennen, zodat specifieke behandeling kan worden ingesteld die ziektelast en (verdere) schade aan longen en gehoor kan voorkomen. In dit nascholingsartikel geven we een overzicht van de meest voorkomende afweerstoornissen in het kader van luchtweginfecties. We bespreken de aspecten waar bij anamnese en lichamelijk onderzoek op moet worden gelet en hoe deze bevindingen te duiden. Ook het aanvullend onderzoek, met aandachtspunten en kosten, komt uitgebreid aan bod. Een praktisch stroomdiagram, gebaseerd op de bestaande protocollen, kan in de spreekkamer behulpzaam zijn bij het inzetten van passende diagnostiek.
Ernstig of ongewoon verlopende bacteriële infecties, recidiverende pyogene infecties of abnormale ontstekingsreacties kunnen wijzen op een neutrofielenstoornis. Dit kan berusten op een afwijkend aantal of functionele defecten van neutrofielen. Aangeboren neutrofielenfunctiestoornissen zijn zeldzaam, waardoor herkenning lastig is en de diagnostiek vaak wordt vertraagd. De klinische presentatie varieert van neonatale tot volwassen leeftijd. Hoewel afwijkingen in het neutrofielenaantal eenvoudig zijn vast te stellen, vereist de diagnostiek van functionele defecten de inschakeling van gespecialiseerde laboratoria. Bij twijfel wordt overleg met een infectioloog of immunoloog aanbevolen. De behandeling richt zich op het voorkomen van infecties en inflammatoire complicaties, vaak met antibiotische of antifungale profylaxe en soms immunomodulerende therapie. In ernstige gevallen is allogene stamceltransplantatie de enige curatieve optie, die vroegtijdig in het ziektebeloop moet worden overwogen.
In landen waar cannabis gelegaliseerd is, wordt een toename gezien van het aantal acute cannabisintoxicaties bij kinderen. Naast intoxicaties door inhalatie spelen edibles hierbij een rol. Edibles zijn eetbare vormen van cannabis, verwerkt in felgekleurd snoepgoed, koek of cake. Cannabisintoxicatie kan een breed spectrum van symptomen veroorzaken. Welke symptomen optreden, hangt samen met factoren zoals individuele gevoeligheid, toedieningsweg, hoeveelheid en snelheid van toediening. De behandeling is in de eerste plaats gericht op monitoring, symptoombestrijding en supportive care wanneer dit geïndiceerd is. Naast acute intoxicaties wordt binnen de kindergeneeskunde ook chronisch gebruik van cannabis gezien. Bij langdurig en (hoog)frequent gebruik kan het cannabinoïd-hyperemesissyndroom (CHS) optreden. Dit syndroom kenmerkt zich door excessief braken zonder andere aantoonbare oorzaak, presentatie na langdurig cannabisgebruik en verlichting van de symptomen bij baden of douchen met heet water. De belangrijkste behandeling van CHS na herkenning is het staken van cannabisgebruik.