AccreDidact Apothekersassistent
Praktijkgerichte nascholing voor de apothekersassistent
Alle collecties van AccreDidact Apothekersassistent
Gesorteerd op nieuw - oud
In deze nascholing krijg je een beeld van het antibioticagebruik en de mate van antibioticaresistentie in Nederland. Antibioticaresistentie is wereldwijd een groeiend probleem. Binnen Nederland is antibioticaresistentie een relatief beperkt probleem, omdat men over het algemeen zeer terughoudend is met het voorschrijven van antibiotica. Wat dat betreft mag Nederland zich binnen Europa een van de beste jongetjes van de klas noemen: vergeleken met veel andere landen in Europa is het resistentieniveau in Nederland stukken lager. Waakzaamheid blijft echter geboden, zo wordt gesteld in het meest recente NethMap One Health-rapport uit 2025. Diverse organisaties, zoals het RIVM, brengen hierin jaarlijks in kaart hoe het antibioticagebruik en de ontwikkeling van resistentie in Nederland ervoor staan.
Verder wordt in deze nascholing jouw kennis over de basale werking van antibiotica opgefrist en leer je hoe bacteriën resistentie tegen antibiotica kunnen ontwikkelen. Ook lees je over maatregelen die genomen worden om de ontwikkeling van resistentie zoveel mogelijk tegen te gaan.
Verder wordt een aantal belangrijke bijwerkingen uitgelicht. Tot slot is er nog aandacht voor probiotica en de betekenis hiervan bij het bestrijden van antibiotica-geassocieerde diarree en welke rol de apotheek kan spelen bij de advisering rondom pro- en antibiotica.
Een substantieel deel van de vrouwen heeft zoveel last van overgangsklachten, dat ze er iets voor willen gebruiken, al dan niet via de huisarts of de apotheek. De vraag is dan: werken oestrogenen nog steeds het beste? Wanneer wel en wanneer geen toevoeging van progestagenen, want na toevoeging van een progestageen wordt er meestal weer maandelijks ‘gemenstrueerd’. Wanneer hoeft er niet meer gemenstrueerd te worden of mogen oestrogenen met progestagenen tezamen in lage dosering gegeven worden, zodat menstruatie het liefst niet meer optreedt? Zijn er zinvolle en liefst bewezen werkzame andere behandelmogelijkheden? Wat is er juist over het verhoogde risico op borstkanker door oestrogeengebruik vóór, in en na de overgang? Al deze vragen kunnen leven en worden in deze nascholing beantwoord.
In de afgelopen decennia is het aantal mensen dat lijdt aan de chronische longaandoening chronic obstructive pulmonary disease (COPD) sterk gestegen. Roken is verreweg de belangrijkste risicofactor voor COPD.
COPD wordt gekenmerkt door een persisterende chronische luchtwegobstructie. Het is een langzaam progressieve aandoening met een forse impact op de kwaliteit van leven. COPD kent een hoge mortaliteit. De ziektelast die patiënten ervaren is bepalend voor de ernst van de ziekte. Het beleid bij COPD richt zich daarom op het terugdringen van de ziektelast. Op de korte termijn is het doel terugdringen van de klachten om het inspanningsvermogen en de kwaliteit van leven verbeteren. Op de lange termijn is het doel versnelde achteruitgang van de longfunctie, invaliditeit, arbeidsongeschiktheid en mortaliteit te voorkomen of uit te stellen.
Het belangrijkste behandeladvies bij COPD is gericht op leefstijl met de nadruk op stoppen met roken en op bewegen. De rol van luchtwegmedicatie bij de behandeling van COPD is beperkt. Luchtwegmedicatie bij COPD is bedoeld om klachten door bronchusobstructie als gevolg van de chronische ontstekingsprocessen (deels) op te heffen. Ook kan het bij bepaalde patiënten helpen het aantal longaanvallen te verminderen.
Pijn is een klacht die bij zeer uiteenlopende aandoeningen voorkomt. Een internationaal geaccepteerde definitie beschrijft pijn als een onplezierige, sensorische en emotionele ervaring die gepaard gaat met of lijkt op feitelijke of mogelijke weefselbeschadiging. Deze definitie benadrukt het persoonlijke karakter van pijn en maakt onderscheid tussen de fysiologische kant (nociceptie) en de belevingskant (pijn), waarbij pijn ook aanwezig kan zijn zonder duidelijke oorzaak.
In BLOK A van deze nascholing staat het ontstaan en de diagnostiek van verschillende soorten pijn centraal. Daarbij komen onder meer gewrichtsklachten, fibromyalgie, lagerugpijn en neuropathische pijn aan bod. Hoofdpijn blijft buiten beschouwing, omdat hieraan eind 2022 een aparte nascholing is gewijd.
BLOK B richt zich op de behandeling van pijn, met name het gebruik van pijnstillers (analgetica). Hierbij wordt ingegaan op farmacologische werking, bijwerkingen en het adviseren van patiënten. Ook pijn bij ouderen krijgt specifieke aandacht. De casuïstiek loopt door beide blokken heen en behandelt patiënten vanaf de eerste klacht tot aan de behandeling.
Hoewel het niet tot de taak van de apotheker of apothekersassistent behoort diagnosen te stellen, helpt inzicht in de klachten en het behandeltraject bij een correcte bejegening, het tonen van begrip en het geven van gerichte voorlichting aan de balie.
Het aantal mensen met overgewicht en obesitas neemt toe. Naar verwachting zal in 2040 62% van de volwassen Nederlanders overgewicht hebben. Dit is een wereldwijd probleem; in Nederland heeft momenteel ongeveer de helft van de bevolking overgewicht, terwijl in de meeste EU-landen dit nog vaker voorkomt. Overgewicht verhoogt het risico op diverse chronische aandoeningen, waardoor preventie essentieel is.
De nascholing baseert zich op de nieuwe multidisciplinaire richtlijn Overgewicht en obesitas bij volwassenen (Partnerschap Overgewicht Nederland, juli 2023). De nadruk ligt niet langer alleen op BMI, maar op het gewichtsgerelateerde gezondheidsrisico, een combinatie van BMI, buikomvang en comorbiditeit. Obesitas wordt gezien als een ‘poortziekte’, die kan leiden tot een breed scala aan bijkomende aandoeningen.
In deze nascholing komt aan bod:
Ontstaan en risicofactoren van obesitas.
Behandelopties, inclusief medicatie en leefstijlinterventies.
Veranderingen na bariatrische chirurgie en de gevolgen voor geneesmiddelengebruik, supplementen en controles.
Praktische rol van het apotheekteam, zoals doseringsaanpassingen, medicatiebewaking en respectvolle communicatie met patiënten.
Je leert hoe je als apotheekteam patiënten met obesitas effectief ondersteunt, medicatieveiligheid waarborgt en bijdraagt aan betere gezondheidsuitkomsten.
De schildklier speelt een essentiële rol in de stofwisseling en groei. Omdat vrijwel alle lichaamscellen afhankelijk zijn van schildklierhormoon, kunnen functiestoornissen leiden tot uiteenlopende klachten en aanzienlijke ziektelast. Schildklierziekten zijn niet zeldzaam: hypothyreoïdie komt voor bij 2,8% van de vrouwen en 0,5% van de mannen, en neemt toe met de leeftijd. Hyperthyreoïdie treft 0,6% van de vrouwen en 0,1% van de mannen.
In BLOK A van deze nascholing wordt het functioneren van de schildklier toegelicht, inclusief de symptomen bij hypo- en hyperthyreoïdie. BLOK B richt zich op de behandeling: medicamenteus, chirurgisch of met radioactief jodium. Medicatie vereist regelmatige controle en extra aandacht in situaties zoals zwangerschap, infectie of wisseling van levothyroxinepreparaat.
De bijschildklieren, betrokken bij de calciumstofwisseling, blijven buiten beschouwing in deze nascholing. Deze e-learning helpt u om uw kennis over diagnostiek en behandeling van schildklierfunctiestoornissen op te frissen en toe te passen in de dagelijkse huisartsenpraktijk.