PiL

Praktijkgerichte nascholing voor apothekers, huisartsen en ziekenhuisapothekers

Een combinatie van vakblad,e-learning,podcast, geaccrediteerd door KNMG, NVZA en KNMP. ‘Klik op abonneer hier’ voor meer informatie. 

Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van PiL?

Abonneer nu! Meer informatie

Alle collecties van PiL

Gesorteerd op nieuw - oud
Voorschrijfgedrag huisartsen bij diabetes mellitus type 2 Lees meer over Voorschrijfgedrag huisartsen bij diabetes mellitus type 2 Voorschrijfgedrag huisartsen bij diabetes mellitus type 2
De NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 (2025) onderscheidt bij de medicamenteuze behandeling van diabetes mellitus type 2 (DM2) patiënten met en patiënten zonder een zeer hoog risico op hart- en vaatziekten (HVZ). In 2024 kreeg ongeveer 76% van de nieuwe patiënten met DM2 zonder een zeer hoog risico metformine als eerste middel, conform de NHG-Standaard. Van de nieuwe patiënten met een zeer hoog risico begon het merendeel met metformine (47%), terwijl 41% startte met een natrium-glucose-cotransporter 2 (SGLT2)-remmer. SGLT2-remmers zijn echter al sinds 2021 het eerstekeusmiddel bij patiënten met een zeer hoog risico. Bovendien kreeg in 2024 slechts ongeveer de helft van alle patiënten met een zeer hoog risico een SGLT2-remmer voorgeschreven. Kortom, er is aandacht nodig voor het gebruik van SGLT2-remmers bij patiënten met DM2 en een zeer hoog risico op HVZ, zowel bij bestaande als nieuwe patiënten. Zorgverleners kunnen onder meer afspraken maken over de middelen van voorkeur bij deze patiënten.
Referaten Lees meer over Referaten Referaten
Mono- en combinatietherapie met tadalafil, tamsulosine en silodosine bij distale ureterstenen | Doorgebruik anticoagulantia bij tandextracties veilig | Afname in tweede behandeling met androgeen receptor-targeted therapie
Vitamine K: miskend in de klinische praktijk Lees meer over Vitamine K: miskend in de klinische praktijk Vitamine K: miskend in de klinische praktijk
Vitamine K wordt vooral geassocieerd met bloedstolling, maar heeft een veel bredere rol in het lichaam. Vitamine K-afhankelijke eiwitten beïnvloeden ook botgezondheid, vaatwandintegriteit, longfunctie en immuunrespons. Subklinische tekorten, vaak onopgemerkt met standaardtesten, dragen bij aan onder meer osteoporose, vaatverkalking, neurodegeneratie en longschade. Risicogroepen zijn ouderen, IC-patiënten en mensen met malabsorptie of polyfarmacie. Nieuwe biomarkers en vooral suppletie met vitamine K2 bieden kansen voor betere preventie en behandeling.
Korte berichten Lees meer over Korte berichten Korte berichten
Positief advies voor medicijn voor niet-cystische fibrose bronchiëctasie (NCFB) | Mogelijk schimmelinfecties in urinewegen bij SGLT2-remmers | Hoge dosis rifampicine leidt niet tot minder sterfte bij tuberculeuze meningitis | NVWA waarschuwt voor afslankthee Trex Tea | Overgevoeligheidsreacties na wisseling merk tocilizumab | Corticosteroïden verlengen mogelijk effect hormonale therapie | Gebruik van Tegretol® ingeperkt bij pasgeborenen | Aangepaste doseringen cefuroxim en metformine tijdens zwangerschap | Finerenon vermindert nierschade bij diabetes type 1
Gebruik van anabole steroïden door jonge mannen Lees meer over Gebruik van anabole steroïden door jonge mannen Gebruik van anabole steroïden door jonge mannen
Het gebruik van anabole steroïden neemt in Nederland sterk toe en gaat gepaard met een groeiende zorgvraag. Bijwerkingen variëren van relatief milde, vaak reversibele klachten tot ernstige, soms pas na jaren manifesterende cardiovasculaire en endocriene complicaties. Door stigma en angst voor vooroordelen zijn gebruikers regelmatig zorgmijdend, waardoor schade onder de radar kan blijven. Voor zorgverleners is een oordeelvrije benadering essentieel om gebruik bespreekbaar te maken en een duurzame behandelrelatie op te bouwen. Afhankelijk van de motivatie van de gebruiker kan begeleiding zich richten op ondersteuning bij het stoppen, met aandacht voor het hormonale herstel en psychologische factoren, of op een ‘harm reduction’-aanpak wanneer stoppen (nog) niet haalbaar is. Harm reduction is niet bedoeld om gebruik te legitimeren, maar om vermijdbare gezondheidsschade te beperken, risico’s te monitoren en een goede behandelaar-patiëntrelatie te behouden, met als uiteindelijk doel waar mogelijk toe te werken naar vermindering of beëindiging van het gebruik.
Epilepsie bij kinderen Lees meer over Epilepsie bij kinderen Epilepsie bij kinderen
Epileptische aanvallen komen frequent voor bij kinderen. Hierbij wordt vaak gedacht aan epilepsie, maar dit vormt slechts een kleine fractie (< 10%) van de aanvallen. Het herkennen van epilepsie bij kinderen kan lastig zijn. De kenmerken van epileptische aanvallen verschillen per leeftijdscategorie. In deze nascholing worden de aanvallen daarom per leeftijdscategorie besproken. Hierbij komt aan bod wat het onderscheid is tussen epilepsie en andere aanvalsgewijze aandoeningen. In dit nascholingsartikel wordt dieper ingegaan op de medicamenteuze behandeling van epilepsie bij kinderen. Soms wordt gekozen om juist geen medicatie te gebruiken, op de afwegingen hierbij wordt ingegaan. Verder wordt besproken welke medicamenteuze behandelopties er zijn bij de verschillende epilepsiesyndromen bij kinderen. Ook is er aandacht voor bijvoorbeeld interacties en bijwerkingen van anti-epileptica. De psychosociale gevolgen van epilepsie worden besproken: de impact van de diagnose epilepsie op het kind en het gezin. Tot slot wordt het belang van begeleiding op maat besproken.