PiL
Praktijkgerichte nascholing voor apothekers, huisartsen en ziekenhuisapothekers
Een combinatie van vakblad,e-learning,podcast, geaccrediteerd door KNMG, NVZA en KNMP. ‘Klik op abonneer hier’ voor meer informatie.
Alle collecties van PiL
Gesorteerd op nieuw - oud
Diabetes mellitus type 2 (DM2) komt veel voor bij kwetsbare ouderen. De behandeling bij deze doelgroep is meer gericht op comfort en het voorkomen van hypo- en hyperglykemieën dan op een strikte glucoseregulatie en de preventie van macro- en microvasculaire complicaties en mortaliteit.
Voor de dagelijkse psychiatrische praktijk is zowel de aandoening als het gebruik van psychofarmaca relevant voor de rijgeschiktheid. Met name de Wegenverkeerswet uit 1994 is hierbij van belang, die uitgewerkt wordt in de Regeling eisen geschiktheid 2000 (REG2000). Medicijnen worden qua invloed op de rijvaardigheid ingedeeld in vier categorieën. In welke categorie medicijnen vallen wordt in Nederland bepaald door de multidisciplinaire werkgroep Verkeersdeelname van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP) en is terug te vinden op rijveiligmetmedicijnen.nl van het Instituut Verantwoord Medicijngebruik (IVM). In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de invloed van zowel psychofarmaca als psychiatrische aandoeningen op de rijgeschiktheid en wordt achtergrondinformatie verstrekt over de werkwijze waarmee de invloed van psychofarmaca op de rijgeschiktheid beoordeeld wordt. Aangezien regelmatig aanpassingen plaatsvinden is het van belang altijd naar de meest recente informatie op rijveiligmetmedicijnen.nl en de REG2000 (wetten.overheid.nl) te kijken.
Het levenslang gebruiken van antitrombotica is een essentieel onderdeel in de behandeling van patiënten met perifeer arterieel vaatlijden. Hoewel het beleid eenvoudig lijkt, waarbij iedere patiënt in principe behandeld wordt met clopidogrel, zijn er nuances. De vernieuwde Nederlandse richtlijn wijkt op verschillende punten af van de Europese richtlijn, waarin het gebruik van acetylsalicylzuur in combinatie met een lage dosering rivaroxaban een belangrijkere plek heeft gekregen. Daarnaast is het antitrombotisch beleid na (complexe) bypasschirurgie anders dan bij endovasculaire behandelingen. In dit nascholingsartikel worden deze aspecten met de onderliggende wetenschappelijke literatuur besproken.
Krentenbaard: opmars van fusidinezuur-resistente MRSA | Voorkeur voor levothyroxine bij ontbijt in aangepaste dosering | Kousen effectiever dan magnesium bij nachtelijke beenkrampen | Estradiolpleister een nieuwe optie bij prostaatkanker?
Kankertherapieën zijn veelvuldig in het nieuws. Vaak gaat het over de nieuwe geneesmiddelen die in de inmiddels beruchte ‘sluis’ geplaatst worden. Aangezien diverse kankersoorten hoog staan in het lijstje met belangrijkste doodsoorzaken begrijp ik waarom hier veel aandacht voor is. We moeten echter de bestaande behandelingen niet vergeten. Veel patiënten met kanker ontvangen chemotherapie, wat de prognose van veel van hen flink verbetert. De meeste patiënten die chemotherapie krijgen hebben anti-emetica nodig om deze behandeling te kunnen verdragen. In dit artikel wil ik laten zien dat de huidige kwetsbaarheid van deze anti-emetica meer aandacht verdient, en waarom dit misschien wel het échte zorgenkindje is van de behandeling van kankerpatiënten. Een groep ernstig zieke patiënten die zich hier helemaal geen zorgen om zou moeten hoeven maken.
Prikkelbaredarmsyndroom (PDS) is een frequent voorkomende aandoening, die grote persoonlijke en sociaaleconomische gevolgen kan hebben. PDS is een positieve diagnose. Dat betekent dat de diagnose gesteld wordt op grond van kenmerkende symptomen, gebaseerd op de ROME IV-criteria. De pathofysiologie van PDS is nog niet geheel duidelijk, maar verstoringen van de hersen-darmas lijken een belangrijke rol te spelen. De verschillende verschijningsvormen van PDS bepalen vaak de behandelkeuze. Voorlichting en geruststelling zijn essentiële onderdelen van het beleid bij PDS. Daarnaast zijn er diverse niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelopties. Voor alle behandelopties geldt dat ze maar bij een deel van de patiënten effectief zijn. Het is wenselijk dat artsen en patiënten in onderling overleg een keuze maken voor een behandeling. De Keuzehulp PDS kan daarbij ondersteuning bieden. Diagnostiek en behandeling vinden in principe plaats in de eerste lijn, verwijzing naar de tweede lijn is slechts beperkt noodzakelijk.