PiL
Praktijkgerichte nascholing voor apothekers, huisartsen en ziekenhuisapothekers
Een combinatie van vakblad,e-learning,podcast, geaccrediteerd door KNMG, NVZA en KNMP. ‘Klik op abonneer hier’ voor meer informatie.
Alle collecties van PiL
Gesorteerd op nieuw - oud
Epileptische aanvallen komen frequent voor bij kinderen. Hierbij wordt vaak gedacht aan epilepsie, maar dit vormt slechts een kleine fractie (< 10%) van de aanvallen. Het herkennen van epilepsie bij kinderen kan lastig zijn. De kenmerken van epileptische aanvallen verschillen per leeftijdscategorie. In deze nascholing worden de aanvallen daarom per leeftijdscategorie besproken. Hierbij komt aan bod wat het onderscheid is tussen epilepsie en andere aanvalsgewijze aandoeningen. In dit nascholingsartikel wordt dieper ingegaan op de medicamenteuze behandeling van epilepsie bij kinderen. Soms wordt gekozen om juist geen medicatie te gebruiken, op de afwegingen hierbij wordt ingegaan. Verder wordt besproken welke medicamenteuze behandelopties er zijn bij de verschillende epilepsiesyndromen bij kinderen. Ook is er aandacht voor bijvoorbeeld interacties en bijwerkingen van anti-epileptica. De psychosociale gevolgen van epilepsie worden besproken: de impact van de diagnose epilepsie op het kind en het gezin. Tot slot wordt het belang van begeleiding op maat besproken.
Ziekenhuisapotheker Anne-Marie Scheepers (MUMC+) is in opleiding tot intercollegiaal coach, anesthesioloog Carine Vossen heeft naast haar werk in het MUMC+ haar eigen coachpraktijk. Coaching en intervisie kunnen medici helpen om hun beroep met plezier te blijven uitoefenen. Dat is prettig én noodzakelijk, om te voorkomen dat zorgprofessionals uitvallen. ‘Door af en toe stil te staan, kom je verder.’
De meeste patiënten in Nederland krijgen vanuit de apotheek medicijninformatie mee afkomstig van Stichting Health Base. In dit artikel beschrijven we hoe de Geneesmiddelinformatie voor de patiënt (GIP) zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld van een papieren document met alleen tekst, naar een digitaal document dat kan worden gelezen, bekeken of beluisterd, op elk moment én in verschillende talen. De GIP is persoonlijke medicijninformatie, op maat gemaakt voor de patiënt door van leeftijd, geslacht, (contra-)indicaties en overig medicijngebruik gebruik te maken. De transitie naar digitaal biedt nieuwe mogelijkheden om medicijninformatie nog beter af te stemmen op de wensen en behoeften van elke patiënt.
Paracetamol is wereldwijd een van de meest voorgeschreven pijnstillers en wordt beschouwd als de eerstekeusbehandeling voor milde tot matige pijn en koorts. Ondanks dit brede gebruik is het exacte werkingsmechanisme van paracetamol nog onbekend. Bij normaal gebruik wordt paracetamol snel opgenomen en gemetaboliseerd in de lever tot niet-toxische metabolieten; overdosering kan leiden tot ophoping van toxische metabolieten met leverschade tot gevolg. In dit artikel gaan wij dieper in op de farmacokinetiek en het werkingsmechanisme van paracetamol en op de risico’s en de voordelen. Tot slot wordt de rol van paracetamol binnen de huidige pijnbestrijding en de bredere impact op de volksgezondheid en het milieu besproken.
Om een behandeling met clozapine te optimaliseren en om beslissingen met betrekking tot de dosering tijdens de behandeling te ondersteunen, wordt geadviseerd concentraties (spiegels) van clozapine te meten. Deze spiegels dienen op de juiste manier geïnterpreteerd te worden. Hiervoor is het belangrijk om te weten waarop de referentiewaarden gebaseerd zijn en waarin twaalfuurs- en dalspiegels van elkaar kunnen verschillen in geval van eenmaal daags doseren. In dit nascholingsartikel wordt dieper ingegaan op de basale farmacokinetiek van orale geneesmiddelen, de farmacokinetiek van clozapine, spiegelbepalingen van clozapine, het referentiegebied en de valkuilen bij het interpreteren hiervan. Als laatste wordt de mogelijke waarde van AUC-bepalingen bij de behandeling met clozapine besproken.
Voor veel patiënten met kanker zijn de vooruitzichten de afgelopen jaren verbeterd, onder andere door de komst van nieuwe geneesmiddelen. De keerzijde is dat deze nieuwe geneesmiddelen bijna altijd gepaard gaan met bijwerkingen die de kwaliteit van leven van patiënten nadelig kunnen beïnvloeden. Bovendien drukken nieuwe oncologische geneesmiddelen steeds zwaarder op zorgbudgetten, omdat ze erg kostbaar zijn. Dit kan leiden tot verdringing van andere zorg.
Om bijwerkingen te verminderen en de uitgaven aan geneesmiddelen te beperken, is het belangrijk oncologische middelen zo slim mogelijk te gebruiken. Vragen over optimaal gebruik komen echter doorgaans niet aan bod in registratiestudies. Doelmatigheidsonderzoek kan dergelijke vragen wel beantwoorden. Aan de hand van een Nederlands voorbeeld, de SONIA-studie, laten we in dit artikel de potentie zien van dit type onderzoek. Om de oncologische zorg in de toekomst effectief én toegankelijk te houden, zijn nieuwe doelmatigheidsonderzoeken essentieel en Nederland kan hierin een voortrekkersrol vervullen.