PiL
Praktijkgerichte nascholing voor apothekers, huisartsen en ziekenhuisapothekers
Een combinatie van vakblad,e-learning,podcast, geaccrediteerd door KNMG, NVZA en KNMP. ‘Klik op abonneer hier’ voor meer informatie.
Alle collecties van PiL
Gesorteerd op nieuw - oud
Veelbelovende medicijnen tegen resistente tuberculose | Vitamine K voor baby’s | Vergiftigingen, bijwerkingen en aanbevelingen afslankmedicatie | Verboden stoffen in afslankmiddel My Lisaa | Voorwaardelijke goedkeuring medicijn tegen leververvetting | Methotrexaat net zo goed tegen longsarcoïdose | Apotheekteam speelt sleutelrol in juist gebruik van medicatie | Risico op zelfmoordgedachten bij finasteride | Meer ADHD-medicatie verstrekt | Aangepaste doseringen citalopram en labetalol tijdens de zwangerschap
In 2021 verscheen er een nieuwe Europese richtlijn over hartfalen1 en in 2025 is de NHG-Standaard Hartfalen op een aantal punten geactualiseerd. Zo is in 2021 de diagnostische indeling in systolisch en diastolisch hartfalen vervangen door een classificatie op basis van (de afname van) de linkerventrikelejectiefractie (LVEF). Voor het bepalen van de beperkingen door hartfalen is de indeling volgens de New York Heart Association (NYHA) nog altijd in gebruik. Daarnaast zijn er in de afgelopen jaren nieuwe geneesmiddelen geregistreerd voor de behandeling van hartfalen. Sinds medio 2024 hebben SGLT2-remmers een plaats bij alle diagnostische classificaties van hartfalen. Bij bepaalde patiëntgroepen blijft echter zorgvuldige afweging nodig. Het middel sacubitril/valsartan, een angiotensine-receptor neprilysine-inhibitor (ARNI), heeft nog geen plek in de eerstelijnsbehandeling van hartfalen vanwege beperkte ervaring, een bescheiden meerwaarde en onzekerheid over de bijwerkingen. De niet-medicamenteuze behandeling van hartfalen en de behandeling van acuut hartfalen blijven in dit nascholingsartikel buiten beschouwing.
In Katwijk wordt het instellen en uitleggen van een automatische medicijndispenser bij cliënten thuis voortaan niet meer door een thuiszorgmedewerker gedaan maar door een apotheekmedewerker. Dat levert tijdwinst voor de thuiszorg op, een veiliger medicatiebeleid en een betere samenwerking tussen apotheek en thuiszorg. Piet Ooms (De Katwijkse Apotheek), Wouter Hazeu (manager digitale zorg bij zorgorganisatie Marente) en Charlotte Westerbeek (adviseur digitale zorg Marente) vertellen enthousiast over hun pilot.
Astma is een heterogene chronische longziekte met een hoge prevalentie bij zowel kinderen als volwassenen. Aangezien luchtwegontsteking centraal staat, bestaat de hoeksteen van de behandeling uit inhalatiecorticosteroïden (ICS). Binnen de groep ICS zijn er verschillende werkzame stoffen (beclometason, budesonide, ciclesonide, fluticason en mometason), doseringen (laag, medium en hoog) en doseerfrequenties (eenmaal of tweemaal daags). Dit maakt maatwerk in de initiële behandelkeuze mogelijk. In een aantal randomized controlled trials zijn de verschillende ICS zeer effectief bevonden. In de praktijk zien we echter dat een groot gedeelte van de patiënten hun astma niet onder controle heeft. Dit kan onder andere blijken uit suboptimale scores op de Asthma Control Questionnaire (ACQ > 0,75), overmatig gebruik van kortwerkende luchtwegverwijders (zoals salbutamol) of optreden van longaanvallen (exacerbaties). Hiervoor zijn verschillende onderliggende redenen aan te wijzen. Allereerst moeten uitlokkende prikkels (bijvoorbeeld pollen, roken) zoveel mogelijk worden vermeden. Daarnaast speelt onvoldoende onderdrukking van de luchtwegontsteking vaak een centrale rol en hierbij zijn een optimaal farmacotherapeutische behandeling en juist gebruik van longmedicatie van groot belang. Het kan zijn dat (in lijn met het vroegere behandeladvies om te starten met kortwerkende luchtwegverwijders) er geen ICS worden gebruikt, het kan ook zijn dat deze in een te lage dosering zijn voorschreven of dat de ICS niet voldoende (therapieontrouw) of niet correct (suboptimale inhalatietechniek) worden gebruikt. Een relatief nieuwe ‘biomarker’, de fractie uitgeademde stikstofmonoxide oftewel het zogeheten fractional exhaled nitric oxide (FeNO) kan wellicht een ondersteunende rol spelen om de astmafarmacotherapie te optimaliseren.
In dit artikel bespreken we de potentie van de FeNO-meting en mogelijke barrières voor de implementatie.
Finerenon is in 2022 goedgekeurd voor de behandeling van chronische nierschade met albuminurie bij diabetes mellitus type 2. Finerenon is beschikbaar in tabletten van 10 mg en 20 mg voor orale toediening. De gebruikelijke dosering is 10-20 mg 1 dd op geleide van de eGFR en de serumkaliumconcentratie. Het werkt als een selectieve mineralocorticoïdreceptor-antagonist, die overactivatie van deze receptor voorkomt en zo nierschade tegengaat. Klinische studies tonen aan dat finerenon het risico op nierfalen en hartproblemen verlaagt. De meest voorkomende bijwerking is hyperkaliëmie. Het middel is gecontra-indiceerd bij de ziekte van Addison en ernstige nierfunctiestoornissen en heeft interacties met CYP3A4-remmers en -inductoren. Finerenon wordt vergoed door de basiszorgverzekering en kost € 2,47 per tablet.
In Nederland ervaart ongeveer 65% van de mensen verbetering door GGZ-behandeling, wat betekent dat 35% onvoldoende baat heeft bij reguliere zorg. Medicatie helpt 40-55% van de mensen met psychische aandoeningen, terwijl psychotherapie effectief is voor 30-50%. Tegelijkertijd bestaan er zorgen over de ongewenste effecten van medicatie, zoals bijwerkingen, het risico op verslaving, en onttrekkingsverschijnselen bij het stoppen. Hierdoor geven sommige mensen de voorkeur aan natuurlijke middelen, in de hoop dat deze geen of minder ongewenste effecten hebben en/of beter aansluiten bij hun levensbeschouwing. In dit artikel worden de veertien meest onderzochte en vaak toegepaste natuurlijke middelen besproken voor mentale gezondheid, waarvoor (enige) wetenschappelijke evidentie bestaat. Deze middelen kunnen worden onderverdeeld in vier hoofdgroepen: kruiden, supplementen, vitamines en mineralen/spoorelementen. Het artikel behandelt toepassingen, dosering, werkingsmechanismen, bijwerkingen, interacties en gebruik tijdens zwangerschap en lactatie.