Physios
Praktijkgerichte nascholing voor de fysiotherapeuten
Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van Physios?
Abonneer nu!
Alle collecties van Physios
Gesorteerd op nieuw - oud
In deel 1 van dit tweeluik is beschreven dat opvattingen en verwachtingen over pijn bij zowel de therapeut als de patiënt bestaan uit meerdere aspecten die niet vaststaan, maar veranderlijk zijn. Deel 2 van dit tweeluik kijkt op vergelijkbare wijze naar ‘outcome expectancy’, verder ‘resultaatverwachting’ genoemd. Ook de resultaatverwachtingen, van zowel de therapeut als de patiënt, bestaan uit meerdere, elkaar beïnvloedende aspecten (bijv. de overtuiging dat massage gaat helpen) die niet vaststaan, maar veranderlijk zijn. Taal is bij het in kaart brengen van resultaatverwachtingen zowel een diagnostisch als een therapeutisch middel. Vooral doorvragende en parafraserende (het idee van de ander uitdrukken in eigen woorden) taal is helpend om niethoorbare dialogen te betrekken bij de hoorbare dialogen en om de nuance van fysiotherapie beter in beeld te krijgen.
Multiple sclerose is een auto-immuunaandoening waarbij het centrale zenuwstelsel wordt aangetast, hetgeen tot diverse neurologische symptomen leidt. Tot 1990 werd personen met MS aangeraden om fysieke activiteit te mijden, vanwege de veronderstelling dat beweging de ziekte zou verergeren. Rond 2000 werd voor het eerst aangetoond dat dit niet het geval is, waarna het wetenschappelijk onderzoek naar de effecten van beweging exponentieel groeide. Intussen is het zelfs bekend dat, net als in de sportwereld, ‘high-intensity interval training’ (HIIT) wellicht de beste trainingsvorm is voor het verbeteren van diverse functionele en fitheidsparameters. Recent onderzoek toont aan dat ook zittijd een belangrijke nefaste invloed heeft op de gezondheid, en dat dit niet of moeilijk te compenseren is met training. Dit betekent dat een ideaal beweegpatroon voor Personen met MS bestaat uit een combinatie van HIIT en het reduceren van de zittijd. Voor elke patiënt dient individueel bekeken te worden wat de beste aanpassingen zijn.
De duim is onmisbaar bij dagelijkse activiteiten zoals schrijven, potten opendraaien en aan- en uitkleden. Pijn aan de duim kan hierbij een grote belemmering vormen. Wanneer een patiënt zich presenteert met pijn in de duimregio, is het belangrijk om verschillende differentiaaldiagnoses te overwegen, omdat iedere aandoening weer een ander behandelbeleid vergt. De aandoeningen kunnen los van elkaar bestaan, maar ook gecombineerd voorkomen. Dit artikel gaat in op het ontstaan van de meest voorkomende duimaandoeningen en beschrijft de relevante anatomie. Bij elke aandoening worden handvatten aangereikt voor anamnese, onderzoek en fysiotherapeutische interventie
Deel 1 van dit tweeluik over de vraag wat we weten over pijn gaat in op ‘pain attitudes’ en ‘pain beliefs’, samengebracht onder de term ‘pijnattitudes’. De pijnattitudes van zowel de therapeut als de patiënt bestaan uit verschillende, elkaar beïnvloedende aspecten die niet vaststaan maar veranderlijk zijn. Taal is bij het in kaart brengen van pijnattitudes zowel een diagnostisch als therapeutisch hulpmiddel. Vooral reflectieve taal is een goed instrument om niet-hoorbare dialogen te betrekken bij de hoorbare dialogen.
De hand- en polsregio is een uniek gebied binnen het menselijk bewegingsapparaat. Deze uniciteit geldt voor zowel de artrogene als de tendomusculaire anatomie. Dit artikel geeft een overzicht van de functionele anatomie van de hand- en polsregio, waarin de relatie tussen vorm en functie centraal staat. Meer specifiek wordt de rol van het bindweefsel(herstel) in de hand beschreven dat een belangrijke bijdrage levert aan de stabiliteit en de verglijding van structuren in de hand. Het disfunctioneren van dit systeem zal bij handproblematiek, meer dan bij andere regio’s in het menselijk lichaam, een grote impact hebben op het uiteindelijke functioneren. Kennis van de functionele anatomie en (patho)fysiologie van de hand- en polsregio is essentieel voor een hand-/fysiotherapeut om een gedegen behandeling in te kunnen stellen.
Chronische polsklachten komen vaak voor en kunnen leiden tot ernstige beperkingen bij dagelijkse activiteiten, hobby’s en werk. Het Hand & Pols Centrum werkt met een oefenprogramma voor (aspecifieke) chronische polsklachten en midcarpale instabiliteit, getiteld ‘SMoC-wrist’, waarbij SMoC staat voor sensomotorische controle. Dit programma is niet gericht op de behandeling van pijn, maar op hetverbeteren van de sensomotorische controle van de pols. Dit oefenprogramma is ook geschikt voor patiënten die revalideren na een polsoperatie en/of -trauma en die enkele weken geïmmobiliseerd zijn geweest, omdat ook bij deze groep patiënten de sensomotorische controle verstoord zal zijn. Kennis bij zowel de therapeut als de patiënt over de uitgangspunten en toepassing van dit programma vergroot de kans op een goed resultaat. Dit artikel geeft daarom een beschrijving en uitleg over het SMoC-wrist-oefenprogramma. Achtereenvolgens komen aan bod: de rationale van het oefenprogramma, een beknopte uitleg over polsstabiliteit, uitleg over midcarpale instabiliteit en hoe deze is vast te stellen, en tot slot een beschrijving van het oefenprogramma.