AccreDidact Psychiater
Praktijkgerichte nascholing voor psychiaters
AccreDidact-nascholingen bestaan uit een boekje en een bijbehorende e-learning. Lees het programma op papier of doorloop de e-learning volledig online; je kiest zelf hoe je wilt nascholen. Accredidact Psychiater is geaccrediteerd door de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) voor 3 nascholingspunten per programma.
Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van AccreDidact Psychiater?
Abonneer nu! Meer informatie
Alle collecties van AccreDidact Psychiater
Gesorteerd op nieuw - oud
Negatieve ervaringen in de kindertijd – Adverse Childhood Experiences (ACE) – kunnen diepe sporen nalaten. Ze verhogen het risico op chronische gezondheidsproblemen, psychische stoornissen en middelengebruik op volwassen leeftijd. Psychiatrische gevolgen zoals PTSS, persoonlijkheidsstoornissen, somatisch-symptoomstoornissen, dissociatieve stoornissen en verslavingsproblematiek worden vaak in verband gebracht met vroegkinderlijke traumatisering.
Deze nascholing biedt handvatten voor de complexe diagnostiek en behandeling van complexe PTSS (CPTSS) en dissociatieve stoornissen. Veelvoorkomende dilemma’s worden besproken, zoals het belang van stabilisatie, het falen van eerdere traumabehandeling en de overlap met andere stoornissen zoals borderline of nagebootste stoornis. Ook wordt stilgestaan bij het gebruik van begrippen als ‘complex trauma’.
Blok A richt zich op screening, diagnostiek en differentiaaldiagnose. Blok B behandelt behandelstrategieën, inclusief medicamenteuze opties en omgang met dissociatie in de spreekkamer. Er wordt gewerkt met casuïstiek, recente zorgstandaarden en aanbevelingen uit het Verbetersignalement PTSS van het Zorginstituut Nederland.
Deze e-learning stelt psychiaters in staat om diagnostiek en behandeling beter af te stemmen op de complexe zorgbehoeften van deze patiëntenpopulatie.
Het gebruik van antidepressiva, met name SSRI’s en SNRI’s, staat al jaren in de belangstelling. Meer dan 1.000.000 mensen in Nederland gebruiken deze middelen, vaak langdurig of off-label. Vooral het stoppen van antidepressiva roept veel vragen en discussie op, zowel in de praktijk als in de media.
Deze nascholing richt zich op de belangrijkste klinische dilemma’s rond het afbouwen van antidepressiva. Wanneer is stoppen verantwoord? Bij wie wel of juist niet? Hoe voorkom je terugval of verergering van de oorspronkelijke klachten? Wat zijn onttrekkingsverschijnselen, wie krijgt ze, en hoe herken en behandel je ze?
Blok A behandelt het afbouwproces: indicaties, patiëntselectie en het gesprek over stoppen. Blok B biedt inzicht in het herkennen en managen van onttrekkingsverschijnselen, en de praktische uitvoering van een afbouwtraject.
Hoewel de wetenschappelijke onderbouwing op onderdelen beperkt is, biedt deze e-learning een rationele en toepasbare aanpak om antidepressiva verantwoord af te bouwen. Zo kunnen huisarts, psychiater en apotheker samen met de patiënt tot een weloverwogen beleid komen.
Wanneer een patiënt op middelbare of oudere leeftijd gedragsveranderingen vertoont, zoals apathie of ontremming, is de differentiaaldiagnose breed. Het kan gaan om een laat-ontstane psychiatrische stoornis, maar ook om beginnende dementie. Vooral de gedragsvariant van frontotemporale dementie (gvFTD) kan klinisch sterk lijken op een psychiatrisch beeld, wat de diagnose bemoeilijkt.
In deze nascholing staat het onderscheid tussen primair psychiatrische stoornissen en gvFTD centraal. Er wordt ingegaan op de overlap in symptomen, het ontbreken van specifieke biomarkers en de vertraging in het stellen van de juiste diagnose. Daarnaast komt de bredere differentiaaldiagnose bij gedragsveranderingen aan bod.
Blok A bespreekt het FTLD-spectrum en het beleid bij FTD. Blok B focust op het klinisch onderscheid met psychiatrische stoornissen, inclusief aanvullend onderzoek en het fenokopiesyndroom. Blok C behandelt andere oorzaken van neurocognitieve stoornissen, zoals de ziekte van Alzheimer, en biedt handvatten voor diagnostiek en behandeling.
Deze e-learning helpt psychiaters om gedragsveranderingen bij volwassenen nauwkeuriger te duiden, om zo vroegtijdige en juiste diagnostiek en passende zorg te bevorderen.
Sinds 1 januari 2020 is de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) van kracht, als opvolger van de Wet Bopz. Deze wet sluit beter aan op de hedendaagse GGZ-praktijk, waarin ambulante zorg en het betrekken van naasten een grotere rol spelen. De Wvggz regelt de voorwaarden waaronder verplichte zorg toegepast mag worden bij mensen met een psychische stoornis, en versterkt de rechtspositie van de patiënt.
Twee jaar na invoering zijn in de praktijk diverse knelpunten zichtbaar geworden. Jurisprudentie en reparatiewetgeving bieden inmiddels meer duidelijkheid, maar de implementatie blijft complex. Deze nascholing biedt behandelaren een praktisch overzicht van de belangrijkste aspecten van de wet.
Blok A behandelt de uitgangspunten, aansluiting op andere wetten (zoals de Wzd en Wfz), beoordeling van de zorgnoodzaak, rechten van patiënten en de procedure rond zorgmachtiging en crisismaatregel. Blok B richt zich op de uitvoering van verplichte zorg, klachtprocedures en beëindiging of evaluatie van de maatregelen.
Deze e-learning helpt psychiaters om de Wvggz zorgvuldig en doelgericht toe te passen in de dagelijkse praktijk.
Transculturele psychiatrie richt zich op het overbruggen van de culturele kloof tussen zorgverlener en patiënt wanneer zij niet dezelfde culturele achtergrond delen. In deze nascholing ligt de focus op de praktische toepassing binnen de Nederlandse GGZ en wordt het bredere domein van culturele psychiatrie, culturele psychologie en global mental health buiten beschouwing gelaten.
Een cultureel perspectief helpt psychiaters om beter aan te sluiten bij patiënten met een migratieachtergrond, die zich regelmatig niet begrepen voelen binnen de reguliere, westerse psychiatrie. Inzicht in culturele denk- en gedragspatronen draagt bij aan het opbouwen van vertrouwen, het voorkomen van uitval en het verbeteren van behandelresultaten.
Blok A behandelt diagnostische aspecten, zoals culturele formulering, het gebruik van tolken, meetinstrumenten en de rol van cultuur in de DSM-5. Blok B gaat in op de behandelrelatie, farmacologische verschillen en culturele aspecten binnen psychotherapie.
Deze e-learning biedt concrete handvatten om cultuur-sensitieve zorg te leveren, wat de toegankelijkheid en effectiviteit van de geestelijke gezondheidszorg ten goede komt.
Hoewel de ziekte van Parkinson primair binnen de neurologie valt, ervaren veel patiënten juist de neuropsychiatrische symptomen als het meest belastend. Angst, depressie en psychose komen frequent voor, maar blijven vaak onderbelicht in de spreekkamer van de neuroloog én van de psychiater. Psychiaters in de consultatieve of ouderenpsychiatrie zien geregeld parkinsonpatiënten, maar voelen zich soms onvoldoende toegerust vanwege een gebrek aan neurologische scholing.
Deze nascholing wil bijdragen aan betere signalering, diagnostiek en behandeling van psychiatrische symptomen bij de ziekte van Parkinson. Het accent ligt op herkenning van klachten, klinisch redeneren en het verbeteren van de samenwerking tussen psychiatrie en neurologie.
Blok A behandelt de ziekte van Parkinson en de bijbehorende psychiatrische symptomen. Blok B gaat in op behandelstrategieën voor angst, depressie en psychotische verschijnselen bij deze doelgroep.
Deze e-learning biedt psychiaters essentiële kennis om Parkinson-patiënten met psychische klachten beter te ondersteunen, waardoor de kwaliteit van leven voor deze patiënten merkbaar kan verbeteren.