AccreDidact POH-GGZ
Praktijkgerichte nascholing voor de Praktijkondersteuner Huisarts Geestelijke Gezondheidszorg
Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van AccreDidact POH-GGZ?
Abonneer nu! Meer informatie
Alle collecties van AccreDidact POH-GGZ
Gesorteerd op nieuw - oud
Religie en spiritualiteit spelen voor veel mensen een belangrijke rol in hun leven, ook bij psychische klachten. In deze nascholing staat de omgang met religieuze en spirituele belevingen binnen de huisartsenzorg centraal. De e-learning biedt handvatten voor de POH-GGZ om religie en spiritualiteit zorgvuldig te verkennen en te duiden, met aandacht voor culturele en persoonlijke betekenisgeving.
In onderdeel A1 wordt stilgestaan bij ethische en professionele uitgangspunten. Onderdeel A2 gaat in op denkmodellen die de relatie tussen religiositeit en psychopathologie verklaren, met nadruk op depressie. Daarnaast komen religieuze wanen, spirituele ervaringen bij manie, schuldbeleving, dwang en schizotypie aan bod, en de afweging of deze symptomen dan wel copingstrategieën zijn.
Onderdeel B1 behandelt hoe je in gesprek kunt gaan over religie en spiritualiteit, inclusief de opbouw van een religieuze anamnese. In B2 staat de rol van religie en spiritualiteit binnen het psychotherapeutisch contact centraal.
Hoewel er nog geen richtlijn is ontwikkeld voor dit onderwerp, volgt deze nascholing een opbouw die daaraan raakt. Dit maakt de inhoud direct toepasbaar in de praktijk van de POH-GGZ.
Pijn en depressie komen vaak samen voor in de huisartsenpraktijk. Volgens Breivik et al. (2006) ervaart 18% van de Nederlanders pijnklachten, waarvan een kwart al meer dan twintig jaar. Bij circa 80% van de patiënten met buikpijn, rugpijn of hoofdpijn zijn tevens depressieve klachten aanwezig. Andersom is pijn ook een veelvoorkomende lichamelijke klacht bij depressie. De nauwe samenhang tussen pijn en depressie vraagt om specifieke aandacht in de spreekkamer van de POH-GGZ.
In deze nascholing wordt deze samenhang stapsgewijs verkend. In BLOK A wordt eerst afzonderlijk ingegaan op pijn en daarna op depressie. BLOK B bespreekt de interactie tussen beide en de implicaties hiervan voor de diagnostiek. Tot slot wordt in BLOK C de behandeling van pijn en depressie besproken, met aandacht voor integrale benaderingen.
De nascholing is gebaseerd op diverse studies, de NHG-Standaarden Depressie en SOLK, en de AccreDidact-nascholing Pijn en pijnbehandeling (2016;4) van Paul Lieverse. Deze nascholing biedt POH’s-GGZ praktische handvatten om lichamelijke en psychische klachten in samenhang te beoordelen en te behandelen.
De diagnose ADHD bij volwassenen wordt in Nederland pas sinds 1996 gesteld. Inmiddels is duidelijk dat bij circa 60% van de kinderen met ADHD de symptomen blijven bestaan en dat 90% ook als volwassene disfunctioneert. Voor veel patiënten betekent de diagnose eindelijk erkenning, maar er is ook discussie over overdiagnosticering. De gevolgen van onbehandelde ADHD zijn echter aanzienlijk, zowel persoonlijk als maatschappelijk: van werkverzuim en onderpresteren tot verslaving en criminaliteit.
De POH-GGZ speelt een belangrijke rol in het signaleren van ADHD bij volwassenen. In deze nascholing wordt, op basis van recente literatuur en richtlijnen, ingegaan op herkenning, diagnostiek en behandeling van ADHD. De focus ligt op wat de POH-GGZ hierin kan betekenen. In BLOK A wordt ingegaan op het herkennen van ADHD en de rol van de POH-GGZ bij het in kaart brengen van symptomen. BLOK B behandelt diagnostiek en de behandelmogelijkheden. Hoewel een NHG-Standaard voor ADHD bij volwassenen ontbreekt, biedt deze nascholing praktische handvatten voor ondersteuning van deze patiëntengroep in de huisartsenpraktijk.
In Nederland hebben ongeveer 2,3 miljoen mensen een IQ onder de 85. Deze groep heeft een drie- tot viermaal verhoogd risico op het ontwikkelen van psychische problemen en komt vaker bij de huisarts en de POH-GGZ. Toch wordt een laag IQ vaak niet herkend, terwijl het van grote invloed is op de manier waarop patiënten omgaan met klachten en behandeling.
In deze nascholing leer je hoe je een laag IQ kunt signaleren bij jouw patiënten, en wat de implicaties zijn voor de begeleiding en behandeling. In BLOK A wordt ingegaan op het herkennen van een IQ onder de 85 en op het verschil tussen zwakbegaafdheid en een verstandelijke beperking. In BLOK B komt de relatie tussen een laag IQ en psychische problematiek aan bod, inclusief de verhoogde kwetsbaarheid voor onder meer psychotische stoornissen, angststoornissen en middelenmisbruik. Ook wordt besproken waarom deze patiënten vaker in de huisartsenpraktijk terechtkomen en welke rol jij als POH-GGZ hierin kunt spelen.
Deze nascholing is gebaseerd op praktijkervaring, wetenschappelijk onderzoek en publicaties zoals Zorg Beter Begrepen en is bedoeld om jouw handelingsrepertoire te verbreden in de zorg voor deze kwetsbare groep.
Familiaal geweld (FG) is de meest voorkomende vorm van geweld waarmee mensen te maken hebben. Het betreft aantasting van de persoonlijke integriteit – lichamelijk, psychisch of economisch – door iemand uit de familiekring, zoals (ex-)partners, gezins- of familieleden of huisvrienden. POH’s-GGZ kunnen tijdens hun werk regelmatig in aanraking komen met signalen van partnergeweld of kindermishandeling, vaak zonder dat deze direct worden benoemd door de patiënt.
In deze nascholing leer je signalen van partnergeweld en kindermishandeling herkennen aan de hand van de klinische presentatie tijdens het consult. Daarnaast staat centraal hoe je het gesprek hierover aangaat en hoe je vervolgens zorgvuldig handelt. De opgedane kennis is tevens toepasbaar op andere vormen van familiaal geweld, zoals ouderenmishandeling, oudermishandeling en eergerelateerd geweld.
Deze e-learning biedt praktische handvatten voor vroegsignalering en ondersteuning, essentieel in het verbeteren van veiligheid en welzijn binnen de huisartsenpraktijk.
Incidenten komen dagelijks voor in de huisartsenpraktijk. Soms worden ze tijdig hersteld, soms ondervindt de patiënt hinder. Binnen de gezondheidszorg kunnen kleine vergissingen grote gevolgen hebben. Daarom is het melden van (bijna-)incidenten essentieel voor het verbeteren van patiëntveiligheid. Het Veilig Incident Melden (VIM)-proces speelt hierin een centrale rol en bevordert een open en veilige meldcultuur, zonder schuldtoewijzing.
Deze nascholing is bedoeld voor POH’s en praktijkverpleegkundigen (somatiek en GGZ), ongeacht hun ervaring met VIM. De nascholing sluit aan bij de kwaliteitsnormen van de NHG-praktijkaccreditering (NPA), waarin een VIM-procedure verplicht is.
In BLOK A wordt ingegaan op relevante wet- en regelgeving, de definitie van een incident, de VIM-procedure, incidentanalyse en praktische tips. BLOK B behandelt het transmuraal incidenten melden, de voordelen van multidisciplinaire bespreking en sluit af met casuïstiek.
Door kennis van VIM te vergroten, draag je als POH bij aan betere zorg en voorkom je herhaling van fouten. Dat levert winst op voor de patiënt, het team én de praktijk.