AccreDidact Apotheker
Praktijkgerichte nascholing voor de apotheker
Profiteer nu van onze Eindejaarsactie: tijdelijk 20% korting op een abonnement. Extra punten nodig? Bestel dan de jaargang 2025 er met 20% korting bij.
Bekijk hier alle informatie over onze abonnementen.
Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van AccreDidact Apotheker?
Abonneer nu! Meer informatie
Alle collecties van AccreDidact Apotheker
Gesorteerd op nieuw - oud
Menstruatie, de overgang en overgangsklachten (het climacterium) staan volop in de belangstelling – niet alleen bij vrouwen, maar ook in de media. De aandacht richt zich op de variatie en intensiteit van klachten en de hernieuwde belangstelling voor hormonale behandeling. De weerstand tegen hormonen is aanzienlijk afgenomen.
In Nederland bevinden zich op elk moment circa 1,8 miljoen vrouwen in de overgang. 80% ervaart vasomotorische symptomen zoals opvliegers en transpiratieaanvallen. Naast typische klachten komen ook menstruatieveranderingen, urogenitale atrofie en – volgens sommige bronnen – atypische klachten zoals stemmingsstoornissen, slapeloosheid of hoofdpijn voor. Deze nascholing onderzoekt wat hiervan wetenschappelijk onderbouwd is.
In BLOK A staan de herkenning en bespreking van overgangsklachten centraal. Er wordt aandacht besteed aan het serieus nemen van klachten, niet-medicamenteuze benaderingen en het onderscheid tussen typische en atypische symptomen. BLOK B richt zich op de medicamenteuze behandeling: wanneer oestrogenen (al dan niet met progestagenen) zinvol zijn, en welke alternatieven effectief en veilig zijn.
Deze e-learning biedt u actuele kennis op basis van de vernieuwde NHG-Standaard, en ondersteunt u in het bieden van passende zorg aan vrouwen met overgangsklachten.
De belangstelling voor het placebo-effect binnen de geneeskunde is de afgelopen jaren toegenomen. In deze nascholing worden drie relevante invalshoeken besproken. BLOK A behandelt enkele praktijkgerichte aspecten van placebo’s in klinisch onderzoek, waaronder de voor- en nadelen van actieve placebo’s. Ook wordt kort stilgestaan bij placebomechanismen zoals conditionering en neurobiologische modulatie, al ligt de focus op de toepasbaarheid in de praktijk.
BLOK B richt zich op de toepassing van placebo- en nocebo-effecten in de dagelijkse praktijk. Aan de hand van casussen rond antidepressiva en statines wordt de impact van verwachtingen bij patiënt en arts belicht. Er bestaat momenteel geen evidence-based richtlijn, maar wel een internationaal opgestelde consensusrichtlijn met praktische aanbevelingen. Deze vormt samen met recente publicaties, Cochrane-reviews en hoofdartikelen uit het Geneesmiddelenbulletin de basis voor deze e-learning.
Deze nascholing helpt u inzicht te krijgen in de werking en impact van placebo- en nocebo-effecten, met als doel de communicatie en behandelrelatie met uw patiënt te versterken.
Diabetes mellitus type 2 is een complexe aandoening met grote gevolgen voor de gezondheid. De herziene NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 bevat sinds november 2021 belangrijke aanpassingen in de medicamenteuze behandeling, bovenop de milde wijzigingen van mei 2021 in de niet-medicamenteuze aanpak. Deze veranderingen gelden zowel voor nieuwe als bestaande patiënten met een zeer hoog risico op hart- en vaatziekten. Implementatie in de dagelijkse praktijk is essentieel voor huisartsen, praktijkondersteuners (POH’s) en assistenten.
Deze nascholing bespreekt in BLOK A de nieuwste richtlijnen, met aandacht voor cardiovasculaire risico's en het belang van een integrale benadering: normoglykemie, normotensie en verlaging van het cholesterolgehalte. BLOK B behandelt de toepassing van nieuwe bloedglucoseverlagende middelen en hun effect op complicaties.
Diabetes mellitus type 2 komt steeds vaker voor en gaat gepaard met verhoogde morbiditeit en mortaliteit. Een nauwkeurige behandeling vermindert het risico op complicaties in hart, bloedvaten, nieren, ogen en zenuwstelsel. Deze e-learning helpt u de herziene standaard effectief toe te passen en zo bij te dragen aan betere zorg en uitkomsten voor uw patiënten.
Het gebruik van antidepressiva is al decennia onderwerp van discussie, mede door de grote aantallen gebruikers – naar schatting meer dan 1.000.000 in Nederland – en de zorgen over langdurig of off-label gebruik. Vooral het stoppen van antidepressiva levert veel vragen en onzekerheid op, zowel in de praktijk als in de media.
Deze nascholing richt zich op het klinische vraagstuk rondom het stoppen van antidepressiva. In BLOK A wordt ingegaan op indicaties, risico’s en overwegingen: bij wie is stoppen verantwoord, wanneer is het moment daar, en wat weten we over het risico op recidieven? In BLOK B staat het afbouwproces centraal: de rol van onttrekkingsverschijnselen, de voorspelbaarheid daarvan, en hoe u hierop kunt anticiperen.
De wetenschappelijke onderbouwing is nog beperkt, maar deze e-learning biedt u een praktische, onderbouwde aanpak gericht op SSRI’s en SNRI’s – de meest gebruikte antidepressiva in de dagelijkse praktijk. Met deze kennis kunt u, samen met patiënt en collega’s in de zorg, weloverwogen beslissingen nemen over het afbouwen van antidepressiva.
Deze nascholing biedt u een overzicht van het complexe en langdurige proces van geneesmiddelontwikkeling: van het ontwerp tot en met de registratie en de eerste fase van markttoelating. Slechts een fractie van de potentiële middelen bereikt de eindstreep, door de vele beslismomenten tijdens de preklinische en klinische onderzoeksfasen.
In BLOK A wordt kort stilgestaan bij de geschiedenis van geneesmiddelonderzoek en de opkomst van de farmaceutische industrie. Daarna volgt een beschrijving van het ontwerp van een geneesmiddel, beginnend bij het identificeren van een ‘target’, zoals een receptor, en het zoeken naar een geschikte werkzame stof.
BLOK B gaat in op het uitgebreide traject van onderzoek en ontwikkeling: van laboratoriumfase tot klinisch onderzoek, registratie en markttoelating. Ook wordt de postmarketingfase besproken, waarin fase IV-onderzoek plaatsvindt en waarin nieuwe veiligheidsdata kunnen leiden tot heroverweging van toelating.
Prijsvorming en vergoedingsvraagstukken blijven buiten beschouwing in deze e-learning. Deze nascholing geeft u daarmee een helder inzicht in het risicovolle, kostbare en boeiende traject dat aan elk geregistreerd geneesmiddel voorafgaat.
Glaucoom is een veelvoorkomende chronische oogziekte bij ouderen, gekenmerkt door schade aan de oogzenuw en gezichtsvelduitval. Vaak is een verhoogde intraoculaire druk de oorzaak, maar ook afwijkingen in de bloedvoorziening van het oog kunnen een rol spelen. Omdat glaucoom in het begin vaak symptoomloos is, is vroegtijdige opsporing essentieel om blijvende schade te beperken.
In deze nascholing wordt in BLOK A ingegaan op de fysiologie van het oog, de verschillende vormen van glaucoom, oorzaken en diagnostiek. Ook staar (cataract) en maculadegeneratie worden kort besproken om het onderscheid met glaucoom te verduidelijken. BLOK B behandelt de medicamenteuze behandeling, met nadruk op oogdrukverlagende oogdruppels, therapietrouw, en praktische aspecten van het druppelen. Ook komen hulpmiddelen en begeleiding vanuit de apotheek aan bod.
De nascholing is gebaseerd op de NHG-Standaard Visusstoornissen (2015), de addenda van de Nederlandse Glaucoom Groep (2019) en de Terminology and guidelines for glaucoma, 5th ed., 2020 van de European Glaucoma Society (EGS). Tot slot wordt stilgestaan bij het preferentiebeleid en mogelijke gevolgen van geneesmiddeltekorten.