Nascholing voor en door zorgprofessionals
Een wereld vol praktijkgerichte (geaccrediteerde) leeroplossingen en vakinformatie. Samen voor goede zorg!
Hoe werkt deze Academy?
Nascholing voor zorgprofessionals
Gesorteerd op nieuw - oud
Er zijn de laatste jaren diverse studies verschenen op het gebied van volumeresuscitatie. De discussie over kristalloïden versus colloïden is vaak gevoerd. In een gemakkelijk leesbaar overzichtsartikel van Myburgh in de New England Journal of Medicine worden de diverse resuscitatievloeistoffen kort besproken.
In dit artikel wordt een globale beschrijving gegeven van een in de eerstelijnspraktijk getoetste effectieve fysiotherapeutische (en manueeltherapeutische) aanpak van de frozen shoulder. Deze aanpak is in belangrijke mate gebaseerd op het concept van de bindweefselplaten. Dit vereist onder andere specifieke kennis over bindweefselfysiologie en het – onder voorwaarden – kunnen toepassen van specifieke vaardigheden. Allereerst wordt de pathofysiologie van de frozen shoulder beschreven. Daarna volgt een beknopte beschrijving van het concept van bindweefselplaten, en hoe dit van toepassing is voor de schouderregio en de frozen shoulder. Het artikel sluit af met een overzicht van de componenten van de behandeling van de frozen shoulder in de eerstelijns fysiotherapiepraktijk.
Naar aanleiding van de publicatie To err is human is er in de afgelopen tien jaar steeds meer aandacht gekomen voor kwaliteit en veiligheid van ziekenhuiszorg. In Nederland is al een aantal jaren wettelijk vastgelegd dat ziekenhuizen dienen te beschikken over een kwaliteitsmanagement-systeem. Sluitstuk van een kwaliteitsmanagementsysteem is een externe audit. In Nederland is de NIAZ de belangrijkste auditorganisatie van ziekenhuizen. Wereldwijd is de Joint Commission International (JCI), de internationale tak van de Amerikaanse Joint Commission (JC) met voorsprong de belangrijkste auditorganisatie. Als eerste ziekenhuis in Nederland is het AMC sinds oktober vorig jaar JCI-geaccrediteerd. Meerdere andere academische of STZ-ziekenhuizen oriënteren zich momenteel op deze accreditatievorm of hebben een accreditatietraject in gang gezet. JCI onderscheidt zich van de NIAZ door een grotere aandacht voor het medisch proces en een auditsystematiek primair vanuit het patiëntenperspectief. Kenmerkend zijn de ‘tracer audits’.
Binnen anesthesie en intensive care is een ruim aanbod aan inotropica beschikbaar, waaronder β1-agonisten (bv. dobutamine) en fosfodiësteraseremmers (bv. milrinone en enoximone). Het inotrope effect van deze middelen werkt vooral door verhoging van de calciumconcentratie in het myocard. Toename van de intracellulaire calciumconcentratie leidt echter tot verhoogde energiebehoefte in het hart; de metabole stress op de al gecompromitteerde hartspier verergert. Levosimendan is een relatief nieuw inotropicum, dat o.a. de gevoeligheid van spiervezels voor calcium verhoogt. Voor eenzelfde intracellulaire calciumconcentratie kan meer kracht gegenereerd worden, waardoor de hartspier vanuit energetisch perspectief efficiënter kan werken. In dit artikel bespreken wij de werking van levosimendan en de indicaties voor het gebruik. We schenken aandacht aan een aantal mogelijke nieuwe indicaties.
De palliatieve zorg bevat alle zorg die erop gericht is een patiënt met een levensbedreigende ziekte (en zijn naasten) een zo goed mogelijke kwaliteit van leven te geven. Voor een patiënt in het palliatieve traject is geen curatie meer mogelijk.
Het geven van injecties is een voorbehouden handeling. Beroepsbeoefenaren die bevoegd en bekwaam zijn mogen deze handeling uitvoeren, nadat een arts er opdracht voor heeft gegeven. Subcutane injecties worden toegediend in het onderhuidse vetweefsel, waar de vloeistof langzaam wordt opgenomen. Intramusculaire injecties gaan direct in het spierweefsel en de vloeistof komt snel in de bloedsomloop. Voor beide typen injecties geldt een aantal voorkeurslocaties, waar de kans op het beschadigen van een bloedvat of een zenuw minimaal is. Bij een onkundige injectietechniek kan de injectievloeistof te diep of juist niet diep genoeg geïnjecteerd worden. Dat kan leiden tot weefselschade of onbedoelde subcutane of intramusculaire injecties. In het geval van intramusculair toegediende insuline kan dat bijvoorbeeld leiden tot een levensgevaarlijke hypoglykemie. Bij het geven van injecties door een schone huid is desinfecteren niet nodig.